FNV Metaal Provincie Noord-Brabant

Duurzaam markt-gedrag in de metaal

In toenemende mate wordt verwacht dat de toeleveranciers meedenken, mee--ontwikkelen en oplossingen aandragen om samen met de eindfabrikant zich blijvend op de wereldmarkt te positioneren. Dit betekent dat er naast prijs en kwaliteit oog dient te zijn voor innovatie en flexibiliteit. Oftewel het versterken van het verdienvermogen. 

Naar een lerend bedrijfsleven

Om het verdienvermogen te versterken, moeten we de vaardigheid ontwikkelen om snel en adequaat in te spelen op nieuwe omstandigheden. Allereerst gaat het om veerkracht: zijn er voldoende buffers om schokken op te vangen? Ten tweede gaat het om het vermogen tot adaptatie: kan het systeem zich soepel aanpassen aan nieuwe omstandigheden? Tot slot gaat het om een proactieve houding: wordt er van fouten geleerd, op toekomstige problemen geanticipeerd en naar toekomstige kansen gezocht? De sleutel ligt bij een ‘lerend bedrijfsleven’, een bedrijfsleven dat niet alleen nieuwe kennis produceert, maar ook bestaande kennis optimaal benut. Dit vereist het vermogen om kennis te signaleren, op te nemen en vaardig te gebruiken. Een permanent proces waarbij iedereen betrokken is: werknemers van hoog tot laag, toeleveranciers, eindfabrikanten en zelfs klanten. 

Goede ontwikkel- en opleidingsmogelijkheden bieden in bedrijven is een bittere noodzaak. Het is een manier om de productiviteit te verhogen, om de veerkracht van individuen en ondernemingen te vergroten en om de kenniscirculatie te bevorderen en daarmee de innovatiekracht. Daarmee is de agenda geschetst: hoe blijven mensen hun kennis en vaardigheden ontwikkelen en hoe kunnen transities zo georganiseerd worden dat ze voor zowel ondernemingen als werknemers een positieve uitdaging zijn in plaats van een bedreiging? 

Code Duurzaam Marktgedrag

Een permanent lerende bedrijfscultuur die past bij de steeds veranderende markteisen, is wat deze Code in gang zet. De Code en het werkboek geven een mogelijke inhoud én praktische tips hoe een cultuuraanpassing te implementeren die past bij deze nieuwe tijd, een tijd van verder professionaliseren. 

Deze Code biedt ook handvatten om de arbeidsverhoudingen te verbeteren en om personeel vast te houden, te binden en te boeien. De traditionele baas-knecht verhouding is voorbij. Werknemers en werkgevers nemen samen hun verantwoordelijkheid. 

Sociale innovatie is de ‘driver’ van technologische innovatie. Het vereist wederzijds vertrouwen met oog voor elkaars belangen waar ook naar gehandeld wordt. Vertrouwen wordt vaak tegenover controleren gezet, en daarom is de Code eigenlijk een gezamenlijke vastgestelde norm (en geen regel/verplichting).

De 3 kernen van de Code 

De Code bestaat uit 3 x 3 ogenschijnlijk simpele, dagelijkse uitspraken, onderverdeeld in de 3 kernen: gedrag, ontwikkelen en invloed. Dagelijkse simpele uitspraken waar een hele wereld achter schuil gaat, die het gesprek op gang gaan brengen, veranderingen starten en gaandeweg een cultuurverandering bewerkstelligen. Het succes wordt bepaald door deze 3 kernen in zijn samenhang te bezien en in te zetten.

De cultuur in een bedrijf maakt of breekt het succes van een organisatie. En de manier waarop we met elkaar omgaan bepaalt of een cultuur bij te schaven is. Respectvol en fatsoenlijk zijn de kernwoorden die hierbij horen, zowel in het beleid als binnen de dagelijkse omgangsvormen. 

Opleiden en ontwikkelen vergt heel veel inspanning, veel geduld en een lange adem. Het zijn vele kleine druppeltjes die samen uiteindelijk resultaat genereren. De vele instrumenten die ontwikkeld zijn, helpen enorm. Maar niet één instrument is alles omvattend. Een leercultuur waar leren en ontwikkelen wordt aangemoedigd  is dan wel cruciaal.

De lopende band maakt plaats voor flexibelere organisatievormen, dynamisch leidinggeven, slimmer werken en een lean organisatie waarin werknemers meer ruimte hebben om hun werk naar eigen inzicht in te vullen. De uitdaging is het werk zo in te richten dat mensen hun talenten maximaal kunnen inzetten: workplace innovation (is sociale innovatie). Meer invloed geven gebeurt formeel en informeel. 

Tot slot: de toekomst

De Code gaat ook deuren openen. Door te registreren wie de Code allemaal onderschrijven, kunnen we op termijn in een regio met de deelnemende werkgevers en werknemers verder bouwen. Bouwen aan een soepelere lopende regionale arbeidsmarkt, aan de oprichting van transitiefondsen, aan regionale scholingsfondsen, regionale flexibiliteit, etc. Een regio waar een prettig werkklimaat heerst en waar goed werkgever- én werknemerschap vanzelfsprekend is. Een economische sterke en sociale regio waar we trots op zijn en waar we vertrouwen hebben in elkaar en in de toekomst.